Je bent stokdoof en bijna geheel blind. Af en toe word je wakker en weet je niet meer wat er zich in deze wereld om je heen bevindt. Je zoekt op de tast naar herkenningspunten. Soms vertwijfeld. Soms angstig.

En als je dan weer iets herkent, dan ben je blij en reageer je kwispelend en jolig als vanouds. Net zoals wij dachten dat jij het leuk vond de bal terug te brengen, maar jij wist wel beter.

Wij weten niet hoe lang je nog zal leven. Wij vertrouwen er bijna blindelings en zelfs Oost-Indisch doof op dat jijzelf de wijst langstlevende mag zijn voor de tijd die we samen nog zullen hebben. Omdat jij weet dat het zo goed was…