Soms wil ik stampvoeten, zodra ik iemand hoor zeggen op de vraag hoe het gaat: ‘gewoon’. Ik ben niet zo aards ingesteld, namelijk. Ik zal je smeken, me dan eindelijk te vertellen dat het ‘buitengewoon’ gaat.

Desnoods: ‘buiten proportioneel’. Of beter: ‘exceptioneel’. Onderwijl tandenknarsend en tenenkrommend, vanwege allesbehalve dat: ‘gewone’. Allesbehalve: dat aardse, dat gesettelde, de bourgeoisie.

Mijn familie zei vroeger al dat ik me behoorlijk ‘excentriek’ kon manifesteren, in gedrag en in kleding. Tja, men roept niet voor niets, dat men de antwoorden ontvangt die men verdient.

Dus op de vraag hoe overleef ik het leven, mag jij roepen dat ik ‘buitengewoon’ door kan ademen. Net te doen alsof het leven ‘buitengewoon’ interessant, mieters en weergaloos blijkt…