Interrumperen

Soms voer je een telefoongesprek, en zie je heel af en toe de kans om iets in te brengen. Wat dan direct gevolgd wordt door een ellenlange interrupt van die ander, waarop niets meer gezegd kan worden. En dat die interrupt gepaard gaat met een steeds luidere stem, alsof wat ik wil inbrengen niet belangrijk genoeg is. Zo’n luidere stem maant me uiteindelijk tot stilte, waarbij ik steeds pissiger (lees: nijdig) word.

Echt, ik erger me daar zo erg aan, dat dat voor mij al een geduchte reden is die ander in het vervolg te verwaarlozen. Per direct.

Mijn imago als lief schatje dat alles lijkt te toleren verandert dan direct in een vals katje waarbij de stoppen lijken doorgeslagen. Toch zal ik dat op dat moment niet lijken te verraden. Ik wacht altijd even af, voordat ik zelf hoog van de toren ga blazen. Dat is mijn jarenlange ervaring inmiddels. Want hee, ook ik kan soms wat ontoegeeflijk zijn.

Wat mij dan achteraf zo verbaast, is dat die ander niet lijkt te willen snappen wat haar eigen rol was. En dat ze dan oppert dat ze dat ‘immers niet van me verwacht’. Als ik dus aangeef, er een eind aan te willen breien, zo’n samenwerking.

Communicatie bestaat volgens mij uit twee richtingen. Waarbij allebei de partijen evenveel inspraak mogen hebben. Maar goed, ik ben nog net wel zo wijs om die ander niet alle regels van goede communicatie uit te gaan leggen. Dat laat ik dan lekker in het midden. Lijkt me ook wel zo fatsoenlijk.

Echter, mijn ergernis hieromtrent ligt wel heel erg op het puntje van mijn tong. En als de noodzaak zo hoog wordt, voor me, komt dat op een gegeven moment heus wel een keer aan de orde. Maar dan alleen als het mij uitkomt.

En opnieuw wacht ik af dat ik door een mijn eigen kans gegrepen word. Zou het ooit komen? Je weet het niet.

0
0

Fotoshoot

Nee, ik had natuurlijk niets om aan te trekken, gisteren. Het was een stralend zonnige dag, gelukkig, en ik kon er maar niet uitkomen wat ik voor deze enigszins spontane fotoshoot zou dragen. Dan laat ik dat welbewust op het laatste moment aankomen. En hoera, als je dan wat dieper graaft in je kledingkast. Want ik heb, heus waar, kleding zat.

We, de fotografe Neide die met liefst drie tassen vol hardware aan camera’s en toebehoren aan kwam lopen en ik, spraken af bij zo’n typische netwerkgelegenheid daVinci in Haarlem. Het was de bedoeling dat het een weinig ‘personal branding shoot’ zou zijn. En de MacBook die de fotografe meebracht, kwam dan ook goed van pas.

Ik was bijkans bloednerveus voordien, want ik stel me altijd voor dat hoezeer zo’n fotograaf ook z’n best doet, ik de foto’s achteraf altijd vind tegenvallen. Ik heb namelijk als ieder ander op deze aardkloot een volstrekt onacceptabel zelfbeeld. Pretendeer dan ook absoluut niet fotogeniek te zijn. En echt, ik waan mezelf niet zo dik. Binnen in me schuilt dan wel een mollig type, maar die foto’s drukken me altijd weer naar die volstrekt onaanvaardbare realiteit. Dat, terwijl ik toch zo’n leuk mens ben. 😉

Gelukkig zag Neide deze enigszins voorspelbare reactie. En kon ze me heerlijk laten schaterlachen. Al was dat meestentijds louter om haar gehol en gedraaf om me heen. En het continu checken hoe de lichtval een foto nóg beter kon maken.

Welnu… ik laat jullie niet langer in spanning… Bij dezen een kleine keuze uit de fotoshoot die gisteren gemaakt is. Zo blij mee, dank je wel Neide Bastos.



Bij de weg, Neide wil graag een carrière maken in de fotografie. Dus aarzelt vooral niet om haar te contacten en een heuse fotoshoot met haar in te plannen. Zo leuk!

1
0

Lente in mijn bol

Zelfs nestjesmakende kievitten zijn jaloers op mijn balkon. Ze vliegen af en aan, om allerlei takjes en aardewerk op te halen voor hun vers te bouwen nestjes. Dat is een grappig gezicht. Maar iedere keer als ik dan die foto wil maken, van hun bekje vol nestelwinst, zijn ze al heen gevlogen. Weer té laat, mijn fotografiekunstje.

Ach, ik geef de schuld van deze huidige tuinierzucht dan maar aan mijn moeder. Want, hoewel ze me reeds gewaarschuwd heeft dat deze Paasdagen het nog geducht koud kan worden, de plantjes staan daar al te pronken en pralen dat het een lievelust is. Maar wat kan het mij schelen, zolang de plantjes maar veilig warm achter het glas staan, waar de warmte van de zonnestralen van achter dat glas van de balustrade ze hopelijk genoeg bescherming zal bieden.

Iedere keer als ik naar buiten kijken, naar het verlengstuk van mijn woonkamer dat mijn balkon mag heten (als het ware een soort sèrre, maar dan anders), word ik vrolijk van de nieuwe plantjes. De lente is voorgoed neergedaald.

Ergens vorig jaar stond er beneden een verlaten kar, met houten vlondertjes, die nu ook à la mijn balkonia liggen. Het geeft mijn balkon een wat luxere uitstraling. Wat vind jij?

0
0

Gevaarlijke veiligheidswaan van de dag

In het Verenigd Koninkrijk (VK) is er terecht een debat ontstaan over de veiligheid van vrouwen na de verdwijning en moord op Sarah Everard. Naar schatting blijkt dat ruim 70% van alle vrouwen in het VK wel eens (seksuele) intimidatie in publieke ruimtes hebben doorstaan.

Dat debat lijkt nu een pijnlijke vertoning te worden en ergens vind ik dat in- en intriest. Begrijpelijkerwijs vragen dames zich af hoe en wie ze ter verantwoording kunnen roepen, en wijzen op morele bewustwording en sociale normen bij de heren onder ons. Even buiten beschouwing gelaten dat het uitschot als moordenaars, verkrachters en overige geweldplegers totaal geen verantwoording willen voelen. En dat dan ook niet doen.

Ik pleit er al jaren voor dat het vrouwelijke geslacht zichzelf vanaf jongs af aan moet leren te verdedigen. Dat is vanaf de basisschool. De kracht van verrassing én gelijkwaardigheid als een vrouw zichzelf staande kan houden tegenover zo’n bruut, mag absoluut niet onderschat worden. Spontane weerbaarheid is een groot goed. Hoewel ik tegelijkertijd besef dat zelfverdediging voor veel dames nét de brug té ver zal zijn. Tenslotte is er niets charmanters als onschuld.

Maar angst tentoonspreiden kon weleens een slechte raadgever zijn, omdat juist dat gevoel opwinding veroorzaakt bij een potentiële moordenaar of verkrachter wat mijns inziens leidt tot die gevaarlijke waan van veiligheid. Immers, die potentiële moordenaar/verkrachter kickt op een ongelijke machtspositie (zichtbare gevoelens van angst) waarbij de geslachtofferde persoon uiteindelijk altijd het onderspit delft. (Ik benoem specifiek niet de term: slachtoffer, want ik ben van mening dat een slachtoffer zich schijnbaar ‘neerlegt’ bij de daad. En dat is meestal niet het geval. Zeker achteraf niet, als de boosheid zich aandient.)

Hoe dan ook, ben ik van mening dat je in het leven beslist ook een klein beetje geluk moet hebben om uit de grijpgrage vingers van zo’n monster te blijven. Helaas had Sarah Everard die mazzel dan weer niet.

1
0

Waarom maart mij te lang duurt

Eén van de eerste dingen waar ik een blik op werp naast de klok ’s morgens is die van de buitenthermometer. En die wees 2.4ËšC zo rond 7:38 uur. Ieuw, is dan mijn gedachte. Te koud. En er kan nog van alles gebeuren. Het kan vriezen (alwéér?!) en het kan dooien, lekker zo’n cliché die op waarheid berust. Meestal vind ik maart zo’n maand die ik liefst slapend doorbreng. Alle 31 dagen. En dan met name als de temperatuur onder de 10ËšC blijft.

Kijk, van december, januari en zelfs februari verwacht je wel, of dan tenminste een beetje kou, maar in maart ben ik er wel klaar mee. Wat heet, ik heb het dan wel gehad. En we zijn tot op heden beslist wel verwend. Toch wil ik dan dat die fiere zonnestralen van dit ochtendgloren de koude voorgoed uit kon bannen. Voorgoed.

Soms vind ik de seizoenen geweldig en zweer ik erbij dat er niets beters is, als een lente, zomer en herfst (ja, heb dus blijkbaar een hekel aan de winter). Vooral die overgangen tussen de diverse tijdsspannen in al die bekende geuren en kleuren beleven is zonder meer onmisbaar. En ik moet toegeven dat ik de wintermaanden soms best wel kan waarderen vanwege de wintertijd.

Zo’n wintertijd is overigens een leuk discussiepunt met sommige mensen. Ik ben in mijn omgeving letterlijk de enige die zwaar de voorkeur geeft aan vroeg donker. En met name omdat het, als het weer grijsheid vertoont, of regenachtige verschijnselen, van mij de duisternis direct mag inzetten. Immers, als de zon welig tiert gedurende de dag, en helder blijkt, dan zet de donkerte automagisch later in.

Daarom mocht ik willen, dat het vandaag reeds 1 april was, want dat staartje van maart kan mij niet snel genoeg voorbij zijn.

0
0