Veel vragen, geen antwoorden

Soms heb ik vragen! Antwoorden; vrijwel geen, echter. Dat alleen al zou het leven vrij spannend moeten maken en houden, me dunkt.

Soms denk ik na over de mensheid! Er zijn veel mensen. Al die mensen hebben een mening. Ik zou oprecht geïnteresseerd kunnen en moeten zijn, naar wat die meningen dan inhouden. Echter, dat ben ik lekker niet. Pûh la. Al dat spelen op de man, zelfs politici, want die zijn immers ook allemaal van nature mens, kan mijn pret danig drukken.

Soms maak ik me zorgen! En daarin ben ik gelukkig niet alleen. Want al die mensen die er dus een mening op na houden, maken zich waarschijnlijk ook zorgen. Maar hoeveel zorgen kan een mens hebben en er op na houden?

Soms stel ik dus mezelf vragen! Waar komt zo’n (corona)virus vandaan, bijvoorbeeld? Hoe kan zo’n virus zo’n vrij spel krijgen en uitgroeien tot een mondiaal probleem? En dan weet ik, er zijn veel mensen. Té veel? Is er iemand geweest, die dacht, we gaan er iets aan doen? Wordt het op ons losgelaten, en ziet men wel wat er van komt? Ik vind het nogal een risicovolle gedachte, maar écht ook ík denk daar dus over na.

Soms zeuren mensen over ouderen. Die hebben immers hard gewerkt (te hard?) en veel gespaard, dus (te) veel geld. Dat denk ik niet. Ik weet namelijk dat ikzelf ook ouder zal worden. Dat zeuren kun je ook doen over de jeugd, immers, maar doe ik lekker niet, want was zelf ook ooit ‘de jeugd’.

Soms maak ik me dus zorgen over al die vingertjes die wijzen. Naar elkaar. Niet mét elkaar. Nee, want het is immers crisis. En dan heeft men logischerwijze geen antwoorden meer op vragen. Zal de tijd het/ons leren? Ten koste van wie / wat / waarom, gaat dat dan?

Soms is het tijd voor een nieuwe tijdsgeest. Alleen, waar kan ik dat vinden?

0
0

Selectieve exclusiviteiten (op Social Media)

Heb jij ook de Tweet gezien met dat korte fragment waarin ‘Borat’ star Sacha Baron Cohen de Social Media industrie, en dan met name Mark Zuckerberg van Facebook, een pak op zijn falie geeft? Hieronder de Tweet met het filmpje:

Dat geeft je te denken over ‘vrijheid van meningsuiting’, zoals wij dat willen kennen of willen begrijpen. De ‘normale’ ziel, dat is. Natuurlijk mag je je dan tegelijkertijd afvragen wat ‘normaal’ is.

Soms ben ik zelf wel heel erg blij met mijn selectieve scrollen door tijdlijnen op Social Media. Van elk gepubliceerd bericht lijk ik een bepaald trefwoord (of meerdere) te vinden, wat ofwel mijn interesse wekt, of integendeel, juist niet. Moet daarbij bekennen dat ikzelf vrijwel altijd lijk te zoeken naar iets interessants, maar zelf maar bitter weinig deelneem aan de gesprekken, of debatten, die er plaatsvinden.

Hoe gekker de gesprekken, des te minder ik ze volg. Wat heet: ik blijf er ver vandaan. Ik heb voor mezelf een redelijk beeld van de wereld, al zeg ik het zelf. Dat beeld hou ik hoe dan ook graag vast. Het biedt me dan ook houvast in deze wat instabiele tijden, zeg maar. Heb ik eindelijk iets gevonden, waarvan ik nooit wist dat ik het zocht.

Ik ben het dan ook eens met die Cohen, dat Social Media veelal die geduchte mogelijkheid biedt om haat, leugens en complottheorieën te verspreiden. Maar laten we wel zijn, om maar even terug te komen op dat ‘normale’, het gros van wat ik lees en de mensen die ik volg, zijn daar helemaal niet mee bezig. Totaal niet. En het brengt me dan ook veel plezier, als ik zie dat anderen die daar lijnrecht tegenover staan, zulk gedrag op Social Media niet alleen im Frage stellen, maar ook in het belachelijke trekken.

Natuurlijk is het tamelijk angstwekkend als het slag mensen dat wel haat, leugens en de rest verspreidt een easy-peasy podium krijgt aangeboden. Ergens mocht je willen dat ze van deze aardkloot verdwijnen, maar zo werkt het niet. Zo heeft dat immers nog nooit gewerkt. Voorheen werkten die mensen tamelijk ondergronds. En nu laten ze zich, willens en wetens, dondersgoed identificeren, middels een ID, account of wat dan ook wat Internet mogelijk maakt. Ik vraag me af, of dat juist slim of dom is?

Voor mij rest de vraag dus: houden we die haat, leugens en complottheorieën liever ondergronds of juist openlijk? Zodat we er juist tegenin kunnen gaan? Is het een slimme bom onder ons naïeve achterste, of juist niets anders dan domme propaganda waar we inmiddels wel raad mee weten?

Want we zijn met z’n allen dan wel vreselijk bang voor verandering, maar beter zou het zijn als blijkt dat we toch samen wel wat geleerd hebben van onze geschiedenis.

En dat wij als ‘gebruikers’ van die verrekte Social Media, onze voorheen ondergrondse ‘tegenstanders’, zoveel mogelijk weerstand en het hoofd kunnen bieden. Zodat zij links tegen de stroom in kunnen blijven roeien en we ze uiteindelijk lachend halverwege de moed in hun schoenen laten zakken.

0
0

Het nieuws: praktische feiten of enkel fake en sensatie?

Met de hedendaagse, 24/7 doordraaiende nieuwsvoorziening kun je alle kanten op. Het zou zomaar eens de daadwerkelijke realiteit kunnen zijn. Maar alléén als het geen komkommertijd is.

Sensatiepers

Maar meestal vermoed ik zelf allang dat de gepropageerde ‘feiten’ nep zijn. Géén feiten dus, maar hooguit sensatie-triggers. Je brein blijft er echter mee bezig, in een non-stop poging om steeds maar weer het onderscheid tussen fake en echt te kunnen ontdekken. En daar schuilt ook meteen het beruchte addertje onder het gras; door het ontbreken van objectieve, niet sensatiegerichte informatie uit betrouwbare bronnen word je steeds afhankelijker van wat je dan wél voorgeschoteld krijgt.

Al weken worden we met dat ‘nieuwe en fatale’ coronavirus om de oren geslagen. Maar onbewust schaar ik de gestaag aangevoerde info daarover steeds vaker onder het knopje ‘sensatiepers’ of ‘komkommernieuws’. Vooral ook omdat het nog steeds zo ver van mijn bed gebeurt. Het zal allemaal wel.

Angst = clicks

Maar voor de media is het natuurlijk goud. Want ophef! Angst! En dus: Clicks! Hoera. Als je het nieuws mag geloven, leggen we binnenkort allemaal het loodje vanwege dit virus. Want karma en zo. De mensheid is gedoemd zichzelf te vernietigen. En dat, terwijl het ‘gewone’ griepvirus vele malen dodelijker is dan dat coronageval. Elk jaar krijgen in Nederland maar liefst een krappe miljoen mensen een influenza-infectie, waarvan zo’n 250 tot 2000 personen daadwerkelijk sterven. Dood door griep. Geen haan die ernaar kraait; dat wordt immers weer als totaal normaal beschouwd.

Al dat ‘nieuws’ heeft steeds weer een gigantische impact. En achteraf blijkt dan keer op keer dat er een verborgen agenda achter schuilt. Want subjectiviteit rules. En objectiviteit blijkt mijlenver weg. Net als dat gezonde boerenverstand, waarover ook de landelijke media niet langer lijken te beschikken.

Durf ik een mening aan?

En nét als je denkt dat het veilig is om uiteindelijk ergens tóch een mening over te vormen, lees of hoor je weer iets, waaruit blijkt dat de werkelijkheid toch 180º anders ligt. In hoeverre kun je het jezelf dan permitteren om – louter voor jezelf of in een geanimeerd gesprek – überhaupt nog een opinie te hebben?

En dan is het moment daar: de media vindt het nieuwe speeltje, in dit geval een of ander virus, niet langer interessant. Weg informatiestroom. De afloop van het opgediste nieuwsfeit blijft gissen. Enkel en alleen de nieuwsmedia bepalen immers of ‘nieuws’ voor ons nog wel of niet meer interessant is (lees: of het bij verdere berichtgeving nog voldoende clicks oplevert). Waarom laten wij dat journaille in hemelsnaam die keuze?

En zo moet ik vaker wel dan niet gewoon maar accepteren dat ik door de trends in de hedendaagse nieuwsvoorziening met meer vragen blijf zitten dan dat ik antwoorden krijg. Wat is dan nog de waarde van nieuws?

0
0

Nieuwsgierig zijn, een verloren talent?

Ergens las ik – ik meen via een gedeeld artikel op Twitter – dat onze jeugd zal opgroeien als een generatie van “halve analfabeten”. De reden daarvoor is – onder andere – dat men die jeugd in de basis enkel een vooral ‘heel leuke’ opleiding wil meegeven. Eentje die gespeend is van iedere opvoedkundige, speelse ‘zweep’, die wars is van enig ‘moeten’. Een mentaal zweepje dat van oudsher wel gebruikt werd in studies en opleidingen.

Laat ik nu de laatste zijn die roept dat vroeger alles beter was. In mijn tijd moest alles je immers óók het liefst (zo) makkelijk (mogelijk) afgaan. Ik kan me herinneren dat ik nooit ook maar ene flikker uitvoerde op de middelbare school. Daardoor werd er subiet en abusievelijk aangenomen dat ik een luie donder was en  daarom maar een treetje lager op de ladder moest gaan staan. Zo kwam ik terecht op die vreselijke MAVO, waar ik natuurlijk weer te hoog scoorde en uitbundig werd gepest om mijn ‘stuud’ zijn.

Er was echter één dingetje wat me in latere dagen wel meezat: mijn aangeboren nieuwsgierigheid. En dat met name met betrekking tot onze taal. Nee, van wiskunde had ik geen kaas gegeten. Maar zelfs nu, wanneer ik er een beetje moeite voor doe, kan ik ook daar plotseling wel de logica van inzien. Had mijn lerares wiskunde me vroeger maar wat harder opgevoed. Had ze maar een iets doeltreffender ‘zweepje’ gehanteerd. Dan was ik nu waarschijnlijk beter terechtgekomen.

Men gaat er hoe dan ook nog steeds vanuit dat de jeugd het zélf moet willen. Men denkt dat de leerling, als hij/zij maar genoeg intelligentie en wilskracht bezit, het allemaal zelf wel spontaan zal opknappen, al dat leren en die eventuele studie(s) daarna.

Om nog even terug te komen op taalvaardigheid; mijn nieuwsgierigheid om met name mijn eigen taal meester te worden (en te blijven), is nog steeds buitenproportioneel. Ik wil kúnnen schrijven. Ik gruwel van woorden als ‘me’ als bezittelijk voornaamwoord. Mijn haren rijzen spontaan te berge en ik wil niets liever elke situatie en elk gesprek waarin dergelijk woordgebruik mogelijk voorkomt, vermijden. Of fysiek ontlopen, zo je wilt.

Intussen hoop ik vurig dat diezelfde jeugd van tegenwoordig ooit datzelfde ‘verloren talent’, die hemeltergende nieuwsgierigheid, ook vanuit eigen ambities zal ontwikkelen en het comfortabele analfabetisme kan afschudden. Niet alleen ten behoeve van mijn eeuwigdurende zucht naar correct Algemeen ‘Beschaafd’ (bijgeschaafd?) Nederlands, maar met name omdat  onze taal mij – en hopelijk ook jou – zo gruwelijk veel waard is.

Deze blogpost verscheen tezelfdertijd op hoevrouwendenken.nl.

0
0

Het einde van het Nederlandse landschap zoals we dat kennen is nabij

Ja, kijk er nog maar eens goed naar. Want als dat in deze tred zo doorgaat, kunnen we in de toekomst niet langer genieten van die schier eindeloze tulpenpracht of die bonte koeienkuddes in onze weilanden. Nee, dan zien we verzonneparking of erger: verwindparking. En als men echt de kolder in de kop krijgt, ook nog eens verdozing, door middel van de bouw van distributiecentra in onze weilanden.

Rijd voor de grap eens door de Noordoostpolder. Of over de A6. Je zult je zelf ook vast wel eens verbazen als je er voorbij raast. In plaats van groen gras met af en toe een lieflijke koe, jolige schapen in een boomgaard of wat schitterende paardenschilderijen, bespeur je ineens talloze rijen met zonnepanelen. Meestal in de kleur blauw, of nog erger, in het kader van de efficiëntie: hartstikke zwart. Nee, dát fleurt de boel pas op…

Wist je dat…

Wie dat nu weer bedacht heeft? En of het in de toekomst zijn vruchten wel zal afwerpen? Want de efficiency van zo’n verrekt zonnepaneel is gemiddeld maar zo’n 17% (dat wil zeggen dat dus maar ca. 17% van het zonlicht kan worden omgezet in elektriciteit). En het werkelijke rendement – die lagere energiekosten – mag nog steeds een utopie heten. Ik hoop oprecht dat degenen die reeds in die kul investeren of er alsnog in willen gaan beleggen, flink het schip in zullen gaan.

Want wist jij dat zonnepanelen in sommige gevallen liever niet dan wel op daken worden geplaatst? En dat je daar een vergunning voor nodig hebt? En dat we van geluk mogen spreken dat er, met uitzondering van een incidentele lokale gemeente hier en daar, geen (landelijke) subsidie voor kan worden aangevraagd? Een lichtpuntje: de BTW kun je dan wel weer terugvorderen bij de belastingdienst, mocht je die zotte plannen hebben om je dak of tuintje te tooien met zonnepanelen.

Functionele landschappen

Ik gruwel al van functionele cadeautjes, laat staan van functionele landschappen. Ik zou er in mijn uppie bijna een protestmars voor opzetten.

Terwijl je normaliter wat gas terugneemt als je ons prachtige landschap voorbij tuft, besef je dat we deze zotte maatregelen eens voorgoed bij de horens moeten vatten. Vooral ten behoeve van onze koeien, schapen en het behoud van overig landschapsvertier.

Deze blog verschijnt tezelfdertijd op hoevrouwendenken.nl.

0
0