Her en der lees ik dat minstens vijftig procent (lees: 50%) van de Nederlandse bevolking een beetje boel opziet tegen Kerstmis en aanverwante artikelen. Mijns inziens is dat beeld ontstaan omdat minstens de helft van de bevolking erop los leeft. Relatieperikelen, scheidingen, het begrip ‘schoonmoeder’, en kinderen die min of meer ‘verplicht’ zijn hun tijd en aandacht te verdelen binnen twee dagen, zorgen er dan spontaan voor dat je nog liever die dagen onder je dekbed blijft schuilen.

Ik snap dat, of liever, eigenlijk wil ik het niet snappen, maar goed, dat is mijn persoonlijke insteek. Mijn ervaring is, dat als je ergens uitermate geen zin in hebt, die toestand achteraf altijd weer mee blijkt te vallen. Het is maar net, hoe je je zelf weet op te peppen. En of je jezelf zal toestaan te vergeten dat het überhaupt om Kerstmis draait. Alle overige feestdagen, verjaardagen, en spontane bijeenkomsten, gedurende het afgelopen jaar lukte het immers wél.

Dus lijkt het erop dat Kerstmis plotseling een andere uitdagingsmodus behoeft.

Dat lukt mij altijd wonderwel. Ik negeer het begrip Kerst dan ook. Ja, echt waar! Het heeft voor mij alleen waarde, als ik daadwerkelijk iets kan betekenen voor een ander. Zoiets als de man van de daklozenkrant stiekem met je rechterhand een bomvol duiten geven, terwijl je links kijkt naar welke maat Nordman kerstboom je nu toch eens zal installeren. Of dat je in de supermarkt die oudere dame in haar scootmobiel helpt haar boodschappen in te pakken. Het is maf eigenlijk, dat mijn eigen Kerstgedachte er volledig vanuit gaat een volmaakt vreemde bij te staan.

Dat moet toch ook lukken bij mijn persoonlijker kring?

Soms zie ik dan het licht. Het gaat helemaal niet over het grootste en mooiste cadeau dat je nu weer moet bedenken. Het gaat niet over vreetpartijen. Het is het samenzijn, en wat je kan betekenen voor die ander. Ja, zelfs voor je schoonmoeder.

Waarom moeilijk doen, als het samen kan?

 

(Spreuk: Loesje.nl)