Er staan drie muren om me heen, de rest is een ramenpartij. Ik verbaas me er altijd weer over, dat mijn ogen naar het licht buiten worden getrokken. Rain or shine. En hoewel ik me niet wil laten beïnvloeden door het weer, doet dat het gek genoeg wel.

Terug naar de muren. Gisteren – voor ik een drukke Nieuwjaarsreceptie bezocht, de tweede dit weekend – had ik een weinig memorabel moment. Heel even was ik blij dat ik eruit mocht. Het idee soms als een kluizenaar – want geen baan – te moeten leven benauwt me dan zo erg dat ik bijna een bijl ter hand wil nemen om die muren om te hakken. Lucht, frisheid, openheid, dat wil ik. Ik ga dan wandelen, of fietsen. Ik Wh’app mijn familie en vrienden eens. Ik ga eens naar de supermarkt. Ik snuif wat veranderende lucht op, ik heb die communicatie met anderen zo hard nodig.

No man is an island ~ John Donne

Denk ik dan. En hoe waar is zo’n spreuk?! Ik weet nu, als mens die altijd best wel drukke banen heeft gehad, dat de behoefte aan rust en stilte genoeg is geweest. Na een poosje snak je altijd weer naar andere mensen, verbindingen, broederschap en wat diepzinnig(er) verkeer.

Het idee dat ik tot mijn 67ste levensjaar want dan pensioengerechtigd zo zou moeten leven, stemt me niet vrolijker. Dus zoek ik en vind ik altijd weer die motivatie om het anders aan te pakken. Alles om aan die drie muren plus ramenpartij voor heel even te kunnen ontsnappen.

Ik vertel het vaak aan mensen. Als ze verzuchten dat ze maandag weer naar hun nare broodheer moeten. Als ze vertellen dat hun baan in wezen maar ‘lastig’ is. En dat ze rust, stilte, sereniteit en iets beters wensen. No man is an island. Think about it