Had laatst een wat ‘lastig’ gesprek en wist niet goed hoe ik de negatieve vraagstelling van die ander, plus haar chagrijnige houding, kon doorbreken. Bijna sloeg mijn eigen goede stemming – ook – om als de blad van een boom, totdat ik inzag dat ik me niet wilde laten beïnvloeden door haar mentaliteit.

Ik begaf me aldus op het vrijwillige pad van de onschuld.
Dat is doen of je niet aanvoelt dat door de acties van die ander je haren recht overeind doen staan. Dat leek me wel een uitdaging. En antwoorden als een blij ei de volgende stap.

Ik realiseerde me ineens dat we twee verschillende mensen waren, met allebei een andere insteek. Ik hoefde haar houding en gevoel niet te adopteren. Ik had er voor het eerst in mijn leven ook geen zin in om mijn goede stemming teniet te laten doen. Ik ben ik. En zij was – voor dat moment – even niet zo vrolijk. Dat was haar probleem.

Normaal heb ik er flink de schurft aan, als men roept: ‘Dat is jouw probleem, niet de mijne!’ Hoe schuif je immers beter de verantwoording bij die ander in z’n schoenen?

Ik herinnerde me plots die keer dat ik een gesprek had met een job scout, die zei dat het hem opviel dat ik een fijne ‘open’ houding hanteer. En dat hij had gevonden dat het gesprek met mij alle kanten uit mocht. En dat dat bij hem als heel plezierig was overgekomen.

Dus werd het keer twee tijdens dit gesprek. Ik zou mijn onschuld aanroepen en daarbij mijn open houding voor me laten spreken.

Het gesprek veranderde op slag. En aan het eind van het gesprek, nadat ik er een paar grappige zinsneden aan had toegevoegd, mocht ik zelfs een big smile ontdekken bij mijn gesprekspartner. Dat stemt me dan zo blij, achteraf, dat ik de hele dag door wel een dansje wil doen…