Ik verbaas me een weinig over het onderwerp ‘touwtje uit de voordeur’. Dat is op zich niet zo erg, ware het niet dat ikzelf ook niet gespeend ben van wat naïef idealisme van tijd tot tijd. Ik weet immers precies wat ik zou willen zien, maar ook wat er niet is, en wat niet meer zal zijn. Zelfs als atheïst geloof ik ook graag in sprookjes, en met mij miljarden niet-atheïsten die elkaar het licht in de ogen niet gunnen. Op deze aardkloot wonen nu eenmaal mensen die van jongs af aan ingeprent worden, dat vertrouwen iets is wat je wel moet verdienen. En datzelfde vertrouwen is iets wat je bij voorbaat niet krijgt, omdat je zulke mooie blauwe ogen hebt.

Een touwtje uit de voordeur is dus een begrip dat realistisch gezien niet alleen in deze tijd of de nabije toekomst vrijwel onmogelijk is. Ik ben het in mijn jeugd zegge en schrijven misschien twee keer tegengekomen. En dat was alleen omdat die ouders hun kids een makkelijk rentree wilden bieden, waar ze overigens hard van terugkwamen. Zo’n periode duurde dus nooit erg lang. En ik vraag me nu dus af, of het werkelijk waar naïviteit of idealisme was. Mijn vriendjes en vriendinnetjes hadden immers van die overjarige hippies met veel relatieperikelen als ouders, die achteraf besloten dat geld verdienen uiteindelijk moest kunnen stroken met hun aanzienlijke wensen. En ik geloof ook niet, dat men werken zag als een plicht. Nee, dat deed je, om brood op de plank te krijgen. Dus ook die hippie-periode kende het einde, omdat men door het leven an sich een soort van realisme opbouwde. Zo gaat dat.

Zo gaat dat nog steeds in een wereld waar kids tegenwoordig worden opgevoed door hun opa’s en oma’s omdat een paar dagen crèche minder duur is en beide (wellicht meestal gescheiden) partners en ouders hard genoeg moeten werken om hun levensstijl rond te breien. Want alles moet kunnen tegenwoordig, en als je iets doet, dan beter direct ‘goed’ in plaats van ervoor te moeten sparen.

Het wordt tijd dat we inzien dat die sprookjes alleen door de wat harde realiteit kunnen bestaan…