‘Het’ kwam binnen, en tegelijkertijd overviel me een gigantisch gevoel van medelijden of medeleven, dat laatste kan ook. ‘Dat’ gezicht wat moest behoren tot een vrouw, had ietwat te veel mannelijke genen opgenomen. ‘Haar’ gezicht had wellicht per abuis daardoor een lelijkheidsclausule meegekregen. Wellicht onbetekenend en een klein foutje van de natuur? Je weet het niet. Ik kan úren daarna er nog bezig mee zijn. Het waarom van zo’n foutje der natuur.

Het komische van het geheel, dat het verhaal dat ‘het karakter’ zichzelf had aangemeten, er ook een was van een overdaad aan mannelijkheid. Woorden als ‘mijn carrière’ – uit te spreken met een hete aardappel in de mond – alsook ‘organisatorisch verbinden’ werden om de haverklap uitgespuugd, als was ‘ze’ er trots op.

Dit zijn van die types die er hoe dan ook op uit zijn, om een bepaalde wrange nasmaak te genereren. Of misschien zoals ‘zij’ denkt, er respect mee te verkrijgen?

Hoe dan ook. Zo’n sneuneus heeft vanzelfsprekend het recht om van nature stupiditeit uit te stralen, en er hoe dan ook zelfs ongegeneerd misbruik van te maken….