En route

Vandaag, deze stralende dag, hebben wij (di Mama en ik) benut om weer eens een bezoek te brengen aan mijn broer en schone zus op hun camping nabij Tiel.

Ik vind dat heerlijk. Zet mij in een auto aan het stuur, en ik rij je overal heen. Desgewenst. Ik hoef niet eens een doel te hebben. Al besef ik eens te meer dat we deze tweede keer richting deze plek toch nog wel Google Maps beter aan konden knallen. Niet dat we dan per se de juiste route nemen, en alsnog verdwalen, want eer die stem je de juiste weg vertelt. Zo zijn wij dan weer zo eigen wijs dat we alsnog te vroeg een afslag nemen en natuurlijk niet uitkomen op het punt waar we dachten te zijn.

Di mama is van di papa gewend instructies te geven tijdens het rijden. Hij (mijn vader dus) vond dat dan ook niet meer dan logisch, want bij een rood stoplicht reed hij rustig door. Terwijl mijn mams altijd dat seintje moest geven dat hij beter dus kon afremmen voor dat stoplicht.

In tegenstelling tot mijn vader vind ik instructies tijdens het rijden altijd wat minder fijn. Ik krijg dan subiet het gevoel dat ik niet zo goed rijd, terwijl ik van mezelf zo graag denk, dat “Babe, I’m an excellent driver!” (~ Forrest Gump). En ook heb ik die neiging om na iedere wenk en of aanvulling, ik een sigaret wil opsteken. Dat terwijl ik dus al een jaar niet meer rook. Dát dus.

Mijn moeder doet me altijd dat verwijt dat ik niet tegen kritiek kan. Waardoor er vlammen intern oplaaien. Zelfs op het moment dat we veilig en wel thuis belandden, en ik opmerk dat ‘ze weer heelhuids is thuisgekomen’, constateert ze dat ik me wat minder moet aantrekken van haar instructies. Stiekem denk ik dan, dat ze een carrière als rij-instructeur is misgelopen.

En ook: “Er komt een dag dat je die aanwijzingen zo graag zou willen horen. En dat ze er dan onverhoopt niet meer is!” Hoe erg dat zou zijn?

Enniehoo, het was een gezellig dagje op en neer. De camping baadde in het felle zonlicht. De campinggasten waren joviaal en relaxed. En dat maakt dat ik terstond verlang naar een evenzo relaxte job.

Bovendien vind ik dat mijn broer en schone zus deze toko buitengewoon en goed en relaxed bestieren. Er loopt daar zo’n tien (10) man personeel rond onder hun leiding, en dat vind ik al een tamelijk risicovolle en uiterst inspannende bezigheid. Edoch, ik kan merken dat mijn broer ‘menselijker’ is geworden, de laatste jaren. Hij beseft eens en te meer dat ieder mens individueel een handleiding heeft. Dat ieder lid van hun ensemble een of meer kansen moet krijgen. En dat vervult mij natuurlijk met grote trots.

Ik geef het je te doen, immers. Vanuit het niets, en weinig voorbereiding, toch een camping van die grootte bestieren, en dat dan ook doen vanuit een soort innerlijke beleving. Een soort van Science of wellbeing, maar dan ánders.

En nu, zit ik thuis, ik schrijf dit alles op, en lees het voordat ik het publiceer nog even terug. En ik constateer dan, ik ben een blij ei. Een buitenproportioneel blij mens, dat ik dit allemaal mee mag maken.

0
0

Die sexy navigatiestem

Vandaag begaf ik me op pad naar Leiden voor ons Schrijfcafé. Meestal neem ik een bus, tram of trein, omdat ik daarbij ongelooflijk geïnspireerd raak vanwege het bont gekleurde gezelschap. Maar ’t is regenachtig weer dus verzin ik dan die smoes om de auto van moeders toch te kunnen pakken. Mijn richtingsgevoel is in dusdanig miserabele staat dat ik de Kaarten app aanknal en mijn route laat uitstippelen. En zo de weg op scheur.

Vergezeld van de kaart op dat piepkleine schermpje en die mannenstem hoop ik dan toch nog op tijd aan te komen. Dat op tijd komen is nog een dingetje van me. Het maakt me niet uit wat er gebeurt tijdens een afspraak, als ik maar niet te laat ben. Dat ben ik natuurlijk never nooit niet. Kom zelfs ruimschoots en rustig een uur voor tijd aan. Het is het idee. Ooit was ik altijd te laat, maar tegenwoordig ben ik me ervan bewust hoe lastig het is te moeten wachten op die ander.

De stem stuurde me – en dat vind ik persoonlijk altijd jammer – een of andere snelweg op. En hoewel ik het prachtig vind om stevig te gassen mis ik dan altijd wat van het landschap. Hoe tuttig klinkt dat? Vroeger had ik liever nooit een B-weg genomen. Vroeger waren snelwegen voor mij de manier om me even uit te leven op het gaspedaal. Zelfs je eens te meten aan die ander. Net als dat je voor een stoplicht staat te gassen en die ander dreigt eerder weg te rijden, maar dat je vanwege je automaat toch altijd veruit voor ligt.

De stem zei links of rechts. En omdat ik al half dromend zat te hopen dat het me een of andere sexy richting uitstuurde – want zo’n stem doet dat met je – belandde ik plots bijna ergens midden in de flanken van een andere auto. Terwijl die op tijd uitweek. Hij stak nogal geïrriteerd z’n middelvinger op. Ik zag dat te laat dus zwaaide enthousiast terug. Hij haalde me rechts in en ging voor me rijden en dus zag ik hem met zijn hoofd schudden. Vrouwen en autorijden, moet hij gedacht hebben. Niet dat dat mij wat kan schelen. Ik voel me volmaakt gelukkig achter het stuur.

Het leuke van zo’n navigatie is dat het aanwijzingen geeft te draaien als je eens eigenwijs bent en spontaan besluit iets anders te doen. En dat lukt mij altijd wonderbaarlijk goed. Zo beland ik altijd op de grappigste zijpaadjes. Terwijl zo’n stem dan ijzingwekkend roept dat je hartstikke fout bezig bent. Ik zie daar de humor wel van in, weer onderweg naar huis.

0
0