Het leven draait niet om gelukkig zijn

Een zelfportret - Uit eigen collectie

Natuurlijk, bij vlagen zijn er gelukkige momentopnames maar als ik zo een blik werp op de tijdlijnen her en der is iedereen op die fatale zoektocht naar geluk soms erbarmelijk ‘armoedig’. Je zou er bijna als (natuurlijk bijna volmaakte goeroe) een cursus coaching voor gaan geven en veel geld aan gaan verdienen. Als dat al kon, want er staan al te veel goeroes paraat. In deze tijd is armoede niet eens zo’n raar begrip. Denk aan de huidige inflatie en geldzorgen die ons ineens opgedrongen worden.

Het heeft mijzelf ook járen van mijn leven gekost om tot een bepaalde kern te komen. “Draait mijn leven nu werkelijk om altijd gelukkig zijn?” En ik ben bijna 55. Mag je hopen dat ik het geluk inmiddels wel gevonden had.

Die kern vind ik tegenwoordig dan weer binnen in mezelf terwijl ik het altijd ‘extern’ opzocht. In een relatie. In mijn werk. In een nog mooiere auto of smartphone. In nog meer ‘rijkdom’. Ik vind mijn kern tegenwoordig in het mezelf of mijn persoonlijke wiel opnieuw uitvinden. Dat wiel, waar draait dat om? Elke dag móet anders, ik haat sleur immers, terwijl ik er toch stiekem een weinig structuur in bouw. Puur voor de veiligheid.

Ik was jaren op zoek naar de perfecte partner, om er achter te komen, dat ze het nooit altijd met je eens zijn. En dat je het al gauw ‘verkeerd’ ziet. Het heeft me járen gekost van mijn leven uit te vinden dat ik in het glad verkeerde beroep zat. Ik was goed in wat ik deed, maar het bracht me niets, louter een burn out.
En als je het hebt over die mooie auto of nog betere smartphone… Laat maar.

Het is een kwestie van vervulling vinden in hobby’s en vrijetijdsbesteding. Het zoeken ernaar, mind you, heeft nog wel wat tijd gevergd en kost dat nog steeds. Wat vind ik leuk, wat kán ik, wat wíl ik? En dat dus voornamelijk in mijn vrije tijd, waar niemand anders bepaalt wat ik wil of kan doen. Het heeft me jaren van bijna volkomen isolatie gekost. In die zin kan een lockdown niet eens zo veel kwaad bloed zetten. Je wordt weer eens op jezelf teruggeworpen. Ik ging doodlen, tekenen, schilderen, boetseren. Websites bouwen, maar dan ánders.

Maar ook ging ik luisteren naar anderen, écht luisteren, je-weet-wel zonder iemand in de rede te vallen. Vrijwilligerswerk zou ik vinden en vasthouden, omdat ik elke dag die poging waag er met frisse moed tegenaan te gaan. Ik ging mezelf bezighouden, totdat ik ’s avonds achterover in mijn bed val, doodmoe van alle indrukken en al dat werk.
Het leven is jezelf bezighouden, daar zit de kern (het kardinale punt; volgens mijn oom), en niet anders, zodat je niet tóch gekker wordt dan de rest…