Op de fiets

Het is tamelijk van de zotte, als je op de fiets elke dag voorbijgescheurd wordt door andere fietsers, met zo’n motortje achterop. Het maakt niet uit, welke leeftijd die ander dan heeft, ik ervaar het als diep treurig voor mijn eigen wat ambitieuze harde werken op de fiets.

Nou kan ik eigenlijk niets zeggen, di Mama heeft ook zo’n gemotoriseerde tweewieler staan. En ze roept altijd, dat ik haar zo mag meenemen. Ik doe het echter niet.

Mijn benen moeten trappen. Werken. Ze moeten na de fietstocht, hoe kort die ook is, met de trilleritis afstappen. Juist, omdat ze hebben moeten werken. Ik zou mezelf heel erg lui en onaangenaam vinden, als ik nu al die fiets met dat motortje ter hand zou nemen.

Ik fiets niet veel. Nee, eigenlijk pak ik liever de auto. Dus je mag met een gerust hart stellen dat luiheid me een weinig aangeboren is. En als ik fiets, dan wil ik altijd zo snel mogelijk weer richting huis.

Dat zint me niet zo.

Gisteren nog, zag ik hele meutes voorbijrazen op de fiets. Die doen dat voor de lol. Ja, en dat gaat er bij mij dus niet in. Wie fietst er nu voor zijn plezier?

Een fiets is er louter om van A naar B te komen, toch?

#WOT deel 12: fietsen

Te laat had ik door dat de stoeprand hoger werd en knalde met een rotvaart tegen het trottoir. Mijn armen strekten zich uit om de val te breken. Mijn handen waren flink geschaafd zag ik binnen die luttele seconde. De dames die ik daarnet had ingehaald giechelden van plezier om deze blunder, maar stapten niet af om me te vragen hoe het me verging. De bitches. Ik vloekte van de pijn.

En kroop van de schrik tegen een pilaar aan van de brug die op dat moment openging. Een bestuurder van een voorbijrijdende auto was even daarvoor op de rem gaan staan en hij stapte uit.

‘Hoe gaat het?’

‘Ik zie even niets!’ Altijd als ik bijna in soort van shock ben krijgen mijn ogen een waas van witheid en word ik straalmisselijk.

Ik merkte dat de man direct greep naar zijn smartphone. Hij zei dat hij een ambulance zou bellen.

‘Het is allemaal alleen maar de schrik, ik moet ook niet zo om heen lopen te koekeloeren en opletten waar stoepranden omhoog komen!’

Maar de beste man was daar niet van overtuigd. Binnen no time, het ziekenhuis was daar om de hoek, was de ambulance er en werd ik overeind geholpen. In de ambulance werden mijn handwonden verzorgd. En mijn bloeddruk en pols ook. Ze vonden eigenlijk dat ik mee moest voor foto’s aan mijn rug, maar hemeltjelief, hoe ver ga je dan?

Bovendien wilde ik deze blamage zo snel mogelijk vergeten. Liefst deed ik alsof het nooit gebeurd was.

Het #W(rite)O(n)T(hursday)-woord van deze week is:

Fietsen ~ 1) Buitenactiviteit 2) Hobby 3) Karren 4) Lichaamsbeweging 5) Lichaamsoefening 6) Manier van reizen 7) Peddelen 8) Presteren 9) Pedaleren 10) Rijden 11) Rijden op de fiets 12) Sport of spel 13) Sport 14) Sportieve activiteit 15) Sporten 16) Trappen 17) Tak van sport 18) Wielrijden 19) Wijze van verplaatsen 20) Wijze van vervoer

Ik besloot dat ik nog meer zielen nodig had om mijn wonden te likken, dus toog ik rechtstreeks op mijn verfomfaaide fiets richting moeder. Ik liep door de gang en riep haar. Ze antwoordde en toen ik de huiskamer binnenstapte kwamen de tranen en het gebrul pas goed los. Van boosheid, pijn en verontwaardiging heb ik liefst tien minuten zitten janken.

Fietsen is absoluut een fijne bezigheid. Als je niet net als ik teveel bezig bent met de wereld om je heen…