Tijdelijke bevliegingen

De laatste dagen heb ik wat innerlijke therapie toegepast, en dat zonder ‘peut. Als dat maar goed gaat… Mijn innerlijke beweegredenen zijn soms wat vaag, vind ik zelf. Ik laat me nog wat te veel leiden door deez’ of geen. Om me heen zijn diverse mensen in therapie. Ze roepen dat dat helpt, al was het maar tijdelijk. Of een bevlieging. Ikzelf probeer sinds jaar en dag uit die molen weg te blijven, ben veels te bang dat ze me anders eeuwig vasthouden. En dat ik dan in een oneindige cyclus van afhankelijkheid terechtkom.

Maar voor hen die dat wel willen, laat je niet verhinderen door aan je therapeut te vragen of er een behandelplan zal worden opgesteld, waaraan men zich dan vasthoudt. Dan nog, met mijn penibele status van twijfelachtigheid, dat niet kunnen kiezen voor een definitief pad in het leven – want stel je voor, je mist misschien iets? – weerhoudt me definitief van een of andere therapie.

Men wil ook altijd teruggrijpen naar je jeugd. Je opvoeding, en wees erop gerust dat je pa en ma het never nooit niet goed hebben gedaan ten aanzien van jouw persoon. Ergens mag dat dan wel zo gezien worden, maar ze deden nu eenmaal wat ze konden in de wetenschap wat ze op dat moment tot hun beschikking hadden. En dat doet iedereen, volgens mij. Kun je jaren later wel gaan janken, dat dat niet goed is geweest voor je, maar dat noemt men dan weer levenservaring. Je weet dat het ook anders kan en mag, immers.

Neem nou het schrijven van blogposts. Ik wil graag met de grootste humor een post neerzetten, maar het leven – en aangezien dit een typische lifeblog is… – is soms té serieus. Of ik zie het te serieus? Of ik kan niet kiezen voor een definitief onderwerp. En ik moet wat meer relativeren, ook over onderwerpen. Daar, dat laatste is natuurlijk hét juiste antwoord. Want zo schrijf je opeens niet dagelijks meer die blogpost.

Schrijven helpt me altijd weer op het juiste been. Mijn vingers schijnen in hun bewuste empirische situatie beter aan te geven wat goed voor me is. Zo wil ik bijvoorbeeld schrijven als een rasechte columnist, zonder poespas, ja zelfs zonder afbeeldingen. Dat laatste leidt me te veel af van de kernwaarden van die blogpost. Want oh ja, er moest toch nog wel een toepasselijke schets bij. En weg is mijn oorspronkelijke inspiratie. Foetsie. Pleite.

Ooit had ik een leraar die constateerde dat mijn ‘snelle afgeleid zijn’ er wel nooit toe zou leiden dat ik een ‘goede’ specialist zou worden. Ik vind echter dat mijn concentratie juist heeft gewonnen aan wat ik dan noem veelzijdigheid. En om zo’n goede eigenschap bij mezelf te ontdekken, heb ik gelukkig dan weer geen ‘peut nodig…

Stappen zetten zonder 'peuten

Dit schreef ik ongeveer twee jaar geleden:

‘Inmiddels had ik elk donker hoekje van mijn ziel wel gezien. Dacht zelfs dat alle problemen die ik had ik zelf automatisch aantrok, vanwege mijn psychische gesteldheid, of was het die genetische bepaling? En what’s worse, na elk bezoek aan zo’n zenuwsloper, de naam die ik ze later zou geven, voelde ik me geen haar beter worden. Integendeel, ik werd er steeds zwakker en meer timide van. Het was ook niet erg bevredigend dat ze het altijd maar met me eens waren. Als ik zei dat ik iets op een bepaalde wijze aanvoelde, bevestigden ze prompt dat enigszins verwrongen zelfbeeld wat ik had. Nooit een terechtwijzing, altijd maar weer die affirmaties.

Soms kon ik er ook wel de humor van inzien. En vroeg ik me af, of ze niet gewoon spotten met mijn persoonlijke situatie om me zo op het rechte pad te krijgen. Al is dat wat vergezocht in mijn geval.

Soms had ik er ook gewoon geen zin meer in. Weer zo’n sessie die uitliep op een tranendal. Vooral als er ook anderen aan zo’n bijeenkomst meededen, en hun problemen op tafel gooiden. Want het was after all hun tafel toch niet! Het belandde echter wel altijd weer op mijn schoot en schouders bovendien. Ik trok me het allemaal heel persoonlijk aan. Droeg al die problemen als een gigantisch schip op mijn schouders. En voelde me nadien steeds labieler worden.

Ik kreeg er wat van, naast de stapels aan facturen die dat gaat opleveren.

Ik besloot te stoppen met de eindeloze therapie-sessies. Maar misschien ook omdat ik werd geconfronteerd met een aantal problemen die zich danig roerden. Waaraan ik wel moést werken. Die problemen moest ik stelselmatig aanpakken. Eén voor één. Beetje bij beetje.

Needless to say, was nadien dat moment gekomen dat ik door mijn persoonlijke manier van aanpak wat zelfvertrouwen opbouwde. En merkte ik op dat ik in oplossen erg goed werd. Alles wat me niet zinde werd in die bak met afval gemieterd. Elk probleem dat zich aandiende werd rücksichtslos uit mijn leven gebannen. Aan gewerkt. Mee gedeald. Ik deed echt alles om alle problemen stelselmatig aan te pakken. Net zolang tot er geen vuiltje aan de lucht meer was. Geen wonder, want there’s only so much you can handle at one time.

Dat zelfvertrouwen wat het me opleverde deed me inzien dat ik – ja, zelfs ik – ook een mens van vlees en bloed was. Zelfs ben. En deed me nóg sterker in m’n schoenen staan. Gaf me zelfs het gevoel dat ik als persoon wel okee ben.

En toen was daar de dag dat ik mijn afspraak met de psych zomaar opeens afbelde. Ik had het niet meer nodig. Ik was ík geworden. Ik kieperde de rest van de zielenknijpers ook uit mijn leven. En sindsdien vertrouw ik altijd weer en voor de rest van mijn nog te leven leven alleen maar op mezelf…’

Ik besefte toen nog niet goed, dat het zó belangrijk is om naast een behandelplan ook naar een behandelduur te vragen. Op een gegeven moment moet je voor jezelf de stappen durven wagen, die je zet naar een onafhankelijk leven. Zonder dat je een of andere ‘peut over je schouders laat meekijken naar je leven. Zonder dat hij meer vragen op je afroept dan antwoorden kan geven. Immers, die antwoorden weet je al, zijn binnen in je aanwezig, als je het eenmaal durft weer alleen die stappen te zetten. Voor het leven…