Soms vertoef ik dagenlang aan een denkbeeldig gefröbelde zijlijn. Vergis je niet, diepte is ontwaakt, maar vindt geen treffende woorden. Niet toereikend om een wonderlijk betoog over te schrijven.

Dus ploeter ik wat af in codestructuren, waaruit dan een soort van patroon ontstaat. Dat patroon heb ik nodig om kaas van te brouwen.

Soms zoek ik diepzinnig als ik ben aan de oppervlakte, in de diepte of ergens daar tussenin, en vind nog steeds geen antwoorden. Om te concluderen dat er geen antwoorden zijn.

Gelukkig is ademen een natuurlijk proces. Al moet ik bekennen, dat ik in die diepte af en toe een zuchtje binnen houd.
Als was ik te bang om al bluffend het leven weer toe te laten…