M’n emoties zaten als kind al op de juiste plek. Als baby was ik die volmaakte lachebek, en wat later een té betrokken bemoeial. Wat heet: de waterlanders stroomden om het minste geringste, vooral als er oorlog uitbrak tussen vriendinnetjes. Ik sprong er tussenin en was prompt de gebeten hond. Gevolg: tranen met tuiten. Het was zelfs zo heftig dat een der leraren me dan de gang opstuurde, als ik niet al aan ’t keten was. Om af te koelen. Of om er vanaf te zijn. Maar vermoed dat hij me op deze wijze leerde om harder te worden. Dat is dan ook gelukt.

Tegenwoordig moet je me half mishandelen – al word ik dan in eerste instantie wel erg pissig – of alleen laten met ‘Bambie’ om nog iets van tranen te laten zien. Soms baal ik daar wel eens van, want een potje janken kan soms zó opluchten. Maar de tranen laten zich tegenwoordig niet meer zo heel snel roeren.

Van de week had ik even zo’n moment dat ik liefst weer dat ongegeneerde janken van een kind wilde terugvorderen. Het gebeurde heel onverwachts. En op een moment dat het natuurlijk helemaal niet uitkomt. Om maar blijk te kunnen geven van iets als een emotie. Het raakt die ander zoveel meer. Meer dan boosheid.

En nog steeds vraag ik me af, waarom ik toen als kind werd gestraft voor iets als het tonen van emoties. Dat je uiteindelijk iets van eelt op je ziel dient te kweken, is mijns inziens logisch, maar dat doet de loop van het leven heus wel met je.

Op die gang leerde ik de stilte te waarderen door rust in te slikken, als het ware. Ik leerde mezelf aan dat ik mijn adem even vast moest houden om het armzalige hikken te stoppen. En werd vooral boos op de onderwijzer omdat ik me in moest houden. In boosheid wil je wel eens vergeten dat je wilt janken. Dus werd dat de plaatsvervangende emotie. Maar nog steeds heb ik de neiging eerst mijn boosheid te botvieren. Dan ga ik gooien met mayonaise of ketchup flessen of anderszins liefst met dure vazen. Alles wat stuk kan, mag. Al zit je dan achteraf jammerlijk te staren naar brokken en te lijmen onderdelen.

De tranen mogen wat mij betreft weer biggelen. Op elk gewenst moment. Ik vind dat het moet kunnen…