Al vanaf jongs af aan, druk ik zomaar een stempel op van alles en nog wat. Echt, je kunt het zo gek niet bedenken, of ik ‘kleur’ iets in. Het zijn kaders. Referentiekaders, waardoor je automatisch overal een oordeel hecht. Iets is goed of fout. Punt. En blijkbaar schept dat weinig ruimte voor iets anders, dat grijze vlak, ertussen in.

En naarmate ik ouder word, geloof me, heb ik daar steeds meer moeite mee. Ik worstel, maar kom boven, en denk dan vaak dat ik het mezelf zo veel moeilijker maak door me – alweer – een mening te vormen. Al die meningen maken me vaak hondsmoe. Kan het ook iets minder?

Ik betrap mezelf erop, zelfs te oordelen als ik luister. Heb soms zelfs de neiging om anderen in de rede te vallen, zonder dat ik ze laat uitspreken. Ik zie de emoties bij een ander wel, maar vind daar dan iets van. Terecht of onterecht. Kabang. Daar was dat duiveltje weer. En dan geef ik mezelf liefst een draai om de oren, want even terug naar het begin. Wie ben ik dan wel? En waarom doe ik dat steeds weer? Steeds opnieuw?

Heb het woord ‘oordelen’ even opgezocht:

Oordelen ~ 1) Achten 2) Beschouwen 3) Beslissen 4) Denken 5) Een oordeel vellen 6) Geloven 7) Geformuleerde mening 8) Judiceren 9) Jugeren 10) Jureren 11) Menen 12) Mening geven 13) Oordewijzen 14) Rechten 15) Rechtspreken 16) Richten 17) Van mening zijn 18) Vinden 19) Vonnis wijzen 20) Vonnissen 21) Zien 22) Zijn mening geven 23) Zijn mening uiten

Vaker wel dan niet vertellen mensen hún verhaal om zich te kunnen uiten. Men wil zich gezien en gehoord ‘voelen’. Als rechtgeaarde blogger zou ik dat dus bovenal moeten snappen. Ik vertel immers aan iedereen dat het concept bloggen zo goed is, dat het een reddingsfactor is, en niet in de laatste plaats voor jezelf. Ik vertel anderen dat ze vrij en gelijkwaardig genoeg zijn, en dat hun verhaal het waard is om te vertellen. Dat is notabene een recht dat op nummer 1 staat van de 30 mensenrechten.

Dus ik wil, en weet, inmiddels beter. Ik wil soms even die mening loslaten. Niet vooroordelen, of oordelen, maar zeker niet veroordelen. Ik weet, ik ben een denker, dus ik zou het in me moeten hebben om ruimte te bieden. Meer vrijheid te geven aan die ander, maar zeker ook aan mezelf, omdat mijn persoon iets heel anders is, omvat, dan dat verrekte gedragspatroon dat ik tentoonspreid wat die ander zal zien of horen. En het lucht zoveel meer op, nu ik dat allemaal ineens begrijp…